Samen Op Vakantie
Ouders vertellen: Wereldreis per zeilboot

“Ik ben vijf jaar zeeziek geweest”, vertelt Marijke. “Telkens als ik weer aan boord stapte begon het en na één dag op zee was het over. Dus voor de langere stukken wist ik: even doorzetten! Het varen op de oceaan was voor ons ‘het ultieme vrij zijn’. Ons langste rak was van het Panamakanaal naar de Marquesas-eilanden. Dat voeren we helemaal zonder motor. 46 Dagen alleen de zeilen op en de natuur heel intensief ervaren. We voelden ons als de oude zeevaarders. Als we nu het IJsselmeer op gaan zetten we daar geen zeil meer voor op, dat is de moeite niet, dan gaan we op de motor.

Het leven is kort

Mijn schoonvader is een echte zeeman, toen zijn vrouw ziek werd kon hij zijn droom om met haar verre reizen te gaan maken niet verwezenlijken. Hun boot lag maar in de haven en dat ging kriebelen bij Albert. Hij trok er steeds vaker op uit met de boot. Ik werd meer aangetrokken door boeken over verre eilanden en verre reizen. Zo werd ons idee om zelf op reis te gaan geboren. ‘Het leven is kort, we doen het nu’ werd ons motto.

Gespaard, flink gespaard hebben we. Wel drie jaar lang. Ter voorbereiding lazen we heel wat boeken. Toch wilden we de reis niet teveel plannen. We wilden gewoon leven. Het leven gaat door, ook al ben je op reis. Onze trouwdag was op een donderdag en de maandag daarop zijn we weggevaren.

Eerst begrepen veel dorpelingen niet wat ons bezielde. Maar toen Albert stukjes voor de krant ‘Het Urkerland’ ging schrijven, stond het hele dorp achter ons. Inmiddels waren zowel Alberts vader en mijn moeder alleenstaand. Ze zochten elkaar op om te horen of de ander al nieuws over ons had. Daar is iets moois uit ontstaan en toen zij ons na anderhalf jaar op kwamen zoeken, waren zij inmiddels een stel. Dat was wel even wennen natuurlijk.

 

Zwanger

Je hebt wel een bepaalde route in je hoofd, maar je wijkt daar altijd vanaf. In Frans Polynesië wist ik dat ik zwanger was. We waren van plan ergens proviand in te slaan en dan nog wat verder te gaan, maar onderweg werd ik niet lekker en viel flauw. Bij Samoa, het eerste het beste eiland zijn we toen aangemeerd en niet meer weggegaan. De medische voorzieningen zijn daar erg primitief, maar we durfden niet meer verder te gaan. Gelukkig konden we onze angst in ons gebed kwijt. Veel contact kregen we via de kerk. Een gezin nam ons op als hun kinderen, omdat we tenslotte geen familie op Samoa hadden. Voor ons was dat hartverwarmend.

 

Geboorte

Ik had geen idee toen de weeën eenmaal begonnen waren, wanneer ik naar het ziekenhuis moest gaan. We kwamen net op tijd. De dag na de bevalling mocht ik weer naar ons schip. De gewoonte van bed houden na een bevalling kennen ze niet op Samoa. De dag dat ik weer terug was op ons schip konden we er door een orkaan zeven dagen niet vanaf. Dat was hard werken; je bent continue bezig de boot bij te sturen. Toen we op een gegeven moment lossloegen, voeren we rakelings langs een anders schip. Via  radiocontact riepen we de hulp van andere boten in de haven in en konden een tweede anker uitbrengen. Matthias, onze baby, sliep gewoon door. We bleven na de geboorte nog vier maanden op Samoa. Matthias is daar gedoopt en heeft ook een Amerikaans paspoort.

 

Parel van de reis

Het millennium hebben we in Micronesië gevierd. Dat werd de parel op de hele reis. De mensen zijn daar zo bijzonder en mooi, ze dragen nauwelijks kleding behalve zelfgemaakte rieten rokjes. Er waren veel feesten in die tijd en geen zorgen om computers die uit zouden vallen. De eilandbewoners gaven een groot feest voor Matthias’ eerste verjaardag. Eén jaar worden is de overwinning op het leven, de meest kritische periode is dan voorbij. Helaas kon Albert daar niet bij zijn, hij lag met een zware bacteriële dysenterie aan boord. Er waren geen medicijnen op het eiland en hij moest de ziekte zelf overwinnen. Eenmaal wat opgeknapt, wilde hij meteen vertrekken. We werden groots uitgezwaaid.

 

Gered door babypower!

 

Matthias heeft ons gered. Bij de Filippijnen werden we lastig gevallen door piraten. Ze gaven aan honger en dorst te hebben en wilden bij ons aan boord komen. Ze bleven maar voor onze boot heen en weer kruisen. Ik had eens

gelezen over babypower, maakte Matthias wakker en hield hem omhoog. Hij zwaaide naar de piraten, de schat. De situatie veranderde direct, ze riepen dat we het water en voedsel voor de baby konden gebruiken en vertrokken. Met trillende knieën bleven wij achter. Iedere zeiler gelooft ergens in. Er moet meer zijn dan alleen het hier op deze aarde, dat gevoel ontwikkel je als je zo met de natuur leeft. Wij zijn gelovig weggegaan en zo voelen wij dat dus ook. Anders had ik het niet gedurfd. We hebben onze boot Samuel genoemd en wij hebben gebeden voor Samuel.

 

Tweede geboorte

Een jaar lang hebben we tussen Rebak in Maleisië en Phuket in Thailand heen en weer getrokken. In Thailand kregen we een verblijfsvergunning voor één maand en in Maleisië voor drie maanden. In deze periode was ik zwanger en is Nathanael geboren. Het contrast met de vorige bevalling was groot. In Puket konden we direct terecht bij een goede arts, ik kreeg een eigen kamer met tv, airco, een koelkast en een bed voor de familie. Na afloop betaal je bij de kassa. Na twee dagen was ik weer aan boord. We waren al zo lang op één plek, dat we vrij snel daarna weer op pad wilden.

Onze kinderen sloegen steeds de brug naar de eilandbewoners. Waar we ook kwamen, door de kinderen werden we altijd snel opgenomen. Daarnaast zijn andere zeilers je familie. De tijd aan wal werd gebruikt om Matthias te laten bewegen en te leren lopen. Zijn eerste stapjes waren op een steiger. Het groeiboekje van het consultatiebureau werd naar ons opgestuurd en met de inentingenkaart in de hand scharrelden we de vaccinaties bij elkaar. Eigen naalden, hadden we wel bij ons, maar hoefden we niet te gebruiken. Ik heb beiden een jaar borstvoeding

gegeven, dat was voor mij wel zwaar, maar verder natuurlijk heel goed en gemakkelijk. De zeelucht heeft Matthias en Nathanael ook veel goed gedaan, het zijn supergezonde jongens.

 

“Een ander leven kenden de kinderen niet”

 

Voor de geboorte van de kinderen zeilden we om beurten. Daarna hebben we het anders verdeeld: ik was meer in de kajuit met de kinderen en Albert werd eigenlijk solozeiler. Lezen, spelen, kleuren. Matthias had overdag steeds meer aandacht nodig. Hij was gelukkig nooit zeeziek. Nathanael wel.

Gelukkig zit hij aardig in het vlees en kon hij dat wel opvangen. Het was mooi om te zien wat een zeebenen ze allebei kregen. Kinderen hebben in een mum van tijd door hoe dingen werken. Bovendien was dit het enige leven dat ze kenden. Wel zag ik dat Matthias steeds meer

behoefte kreeg aan spelen met andere kindjes. We wilden hen niet gevangen-nemen in onze droom. Toen hebben we besloten terug te gaan voordat Matthias vier werd.

In Afrika hebben we rond de kaap gezeild, dat gaf een heel voldaan gevoel. Het werd daar wat kouder en we konden er met de kinderen tussen de pinguïns zwemmen, een onvergetelijke ervaring. Ter hoogte van de Kaapverdische eilanden waren we de wereld rond. In dichte regen zagen we toen een Nederlands vrachtschip dat naar ons toeterde. Een signaal, we waren weer thuis. Vanaf de Azoren hebben we niks meer aangedaan. Toen we eenmaal besloten hadden dat we naar huis zouden gaan, wilden we ook naar huis.

 

Thuiskomst

Eenmaal thuis was Matthias meteen verkocht. In de klas had hij wel tien vriendjes en van de familie kreeg hij een grote traptractor. “Die kan niet mee op de boot, hè mam!” en dus gaat hij ook niet meer op de boot. Albert werkt hier nu als plaatsvervangend bedrijfsleider op de jachthaven in Makkum, waar we de eerste maanden nog op ons schip gewoond hebben. Ik vind het fijn om thuis te blijven totdat Nathanael naar school gaat. Thuis komen was wel een grote overgang, je bent vijf jaar lang zo hecht met elkaar en dan gaat ineens ieder zijn eigen weg. Maar zo is het goed.