Samen Op Vakantie
Met een camper door de VS

 

“Of we echt geen groot rijbewijs nodig hebben”, vragen we nog bij de camperverhuur als er een veel grotere camper dan besteld voor komt rijden. “No problem”, zegt de man van de verhuur en daar gaan we dan. Eerste doel van de reis is zo snel mogelijk Los Angeles uit. Palm Springs, een groen stadje midden in de woestijn, ligt op aanvaardbare

afstand. Hier maken we met een nieuw

fenomeen kennis: campings die volledig op semi-permanente bewoning van gepensioneerden gericht zijn en bij de ingang bordjes ophangen met teksten als ‘no kids allowed’ of ‘adults only’. Ook al is het inmiddels laat en donker, hier wíllen we natuurlijk niet eens blijven. Daar rijden we dan langs donkere wegen op zoek naar die ene camping in de vallei, waar kinderen wél welkom zijn. Niet echt een glorieuze start van de vakantie. Joep is ondertussen al in slaap gevallen. Bas is blij verrast dat wij allemaal in de camper gaan slapen

 

“Dus dit is onze auto

én ons huisje!”

 

Als tussenstop op weg naar de Grand

Canyon staan we een dagje op een State-Campground aan de Colorado river. De State-Campgrounds zijn een goed alternatief voor mensen die net als wij met een camper rondreizen. De voorzieningen zijn basic, maar goed en de staanplaatsen zijn ruim. Met de kippen op stok en vroeg uit de veren. We zien de zon opkomen boven de rivier en dat is het leuke van kamperen: staan op de plek waar de natuur zo mooi is. Bij een Wallmart-supermarkt valt ons oog op een kruiwagentje en een trekkarretje voor Bas en Joep. Dat blijken de beste aankopen van de vakantie, want daar zullen ze eindeloos mee spelen.

 

Canyons en indianen

In Arizona rijden we door de woestijn en door enorme naaldbomenbossen naar Grand Canyon Village. Het is hier koud! We maken tot groot plezier van Bas en Joep een kampvuurtje om ons aan te warmen. Zij zijn ondertussen hun

wagentjes aan het volladen met takjes, steentjes en dennenappels. Wij vragen ons af of de Grand Canyon, een van de meest gefotografeerde wonderen der natuur, echt zo’n indruk op ons zal maken. Nou, dat doet het. Wat een niet te beschrijven grootsheid en schoonheid, waardoor je je als mens ineens heel klein voelt. We maken een wandeling langs de uitzichtpunten en blijven ons vergapen. Het is mooi als je de canyon inkijkt, maar ook als je er ingaat. Langzaam dalen we af met Joep in de rugdrager en Bas aan de hand. Omhoog

kijkend zien die gelaagde en gekleurde rotswanden er weer heel anders uit.

 

Een ‘dromenvanger’ om mee naar huis te nemen

 

Behalve spectaculaire canyons kom je in dit deel van Arizona ook verschillende Indianenreservaten tegen. Aan de oostkant van het Grand Canyon National Park bezoeken we de mooie Little Colorado River Gorge die in het Navajo Tribal Park ligt. Langs de weg verkopen Navajo indianenfamilies kunst en handwerkspullen. Voor de Bas en Joep kopen we een dreamcatcher die volgens Indiaans geloof de boze dromen voor je vangt en alleen de goede dromen langs zijn veren naar je toe laat gaan. Daarna reizen we door naar het sprookjesachtige Bryce Canyon en het massieve Zion Canyon. In Zion Canyon is in een van de massieve rotspartijen een tunnel uitgehakt die niet is ingesteld  op de grote campers van deze tijd. Na betaling houden de parkwachters de tunnel vrij van tegenliggers en mogen wij er doorheen. We moeten in het midden van de weg rijden, het heeft wel iets heel spannends, vooral voor Bas: “Wat een kleine tunnel, pas op voor het plafond hè pap.”

 

Visspelletje in Vegas

Op weg naar de kust komen we langs Las Vegas. Eigenlijk geen stad om met kinderen naartoe te gaan. Maar goed, dit moet je toch een keer in je leven gezien hebben. Met onze camper rijden we over die ene bekende straat: The Strip, waaraan alle grote hotels en casino´s liggen. We vergapen ons ’s avonds bij de casino’s aan een zeeslag met echte schepen met piraten, aan fonteinen die de cancan dansen, aan een vulkaan die uitbarst en aan het optreden van een chansonniere in Hotel Paris.

De volgende ochtend zijn er bij het hotel Circus Circus, naast onze camping, ook nog wat kermisachtige activiteiten voor kinderen. Voordat Bas doorheeft hoe het visspelletje met de magneetjes werkt zijn we al wat dollars verder, maar uiteindelijk heeft hij dan toch een mooie paars met goudkleurige knuffeldolfijn gewonnen. “Dit is de mooiste knuffel die ik ooit gezien heb, mam.” zegt hij met een grote lach. Ach ja, het wordt weer tijd om door mooie landschappen te rijden. Dat is toch echt het leuke van een camper, dat je zo vaak kunt verkassen en toch steeds hetzelfde vertrouwde huisje hebt met alles op dezelfde plek. Dat geeft veel rust voor de kinderen, maar ook voor jezelf. Zo hoef je niet elke keer alles in te pakken en weer uit te pakken.

 

Dammetjes bouwen

We gaan verder richting kust en rijden vanaf Morro Bay, een mooi kustplaatsje, de beroemde Highway 1 richting San Francisco. Big Sur ligt in de Redwood bossen en is onze volgende stop. We kamperen aan een riviertje, waar dammetjes bouwen en kiezelstenen gooien de grootste hobby van Bas en Joep wordt. Ook hier zijn vuurplaatsen bij iedere kampeerplek en zitten we elke avond knus met zijn vieren rond ons kampvuurtje. Wat een romantisch  buitenleven hebben wij toch op deze reis. In het Julia Pfeiffer State Park lopen we de prachtige Ewoldsen trail. We kunnen hier zulke mooie wandelingen maken dat we ons vertrek telkens weer een dag uitstellen, het worden er uiteindelijk vier.

Boven Big Sur liggen rijke kustplaatsjes als Carmel en Monterey. Leuk om even doorheen te rijden, met als absoluut hoogtepunt het Monterey Aquarium. Een prachtig vormgegeven gebouw met binnen en buiten hele grote waterbakken met ook hele grote beesten als zee-otters en haaien. Met een knuffelzeehond voor Bas en een knuffelschildpad voor Joep houden we de herinnering tastbaar.

 

En dan moeten we ons huisje uit. Zo’n afscheid valt altijd zwaar. Gelukkig blijven we nog een aantal dagen in San Francisco, zodat dit mooie avontuur niet

direct afgelopen is. We maken ritjes met de leuke spannende houten trammetjes over de steile heuvels van de stad, kijken bij de skaters op de pier, varen met de boot om Alcatraz en onder de Golden Gate Bridge door en gaan naar speeltuintjes en parkjes. Maar rondtrekken met onze camper blijft toch het leukste volgens Bas: “Gaan we straks weer een camper huren pap?”

 

Tekst en fotografie: Caroline Freriks.

 

Praktische tips voor een

camperreis

•          Huur een camper vanuit Nederland, verzekeringen zijn dan inclusief en dat is een stuk goedkoper.

•          Voor deze drieweekse reis in de VS was de camperhuur e 2.600 (inclusief verzekeringen, inventaris etc). Op www.hotelplan.nl (zie advertentie pag. 8) kun je offertes voor camperhuur aanvragen.

•          Let bij de indeling van de camper op of de kinderen vlak achter je kunnen zitten, zodat je tijdens het rijden dingen kunt aangeven.

•          Als je meerdere Nationale Parken gaat bezoeken loont de National Parks Pass van

USD 50 al snel. Zie ook www.nps.gov.

•          State-Campgrounds zijn ook goed. Ze zijn meer gericht op rondreizende campers.

•          De AAA (Amerikaanse ANWB) kan je op weg helpen met wegenkaarten en advies.

•          Informeer of er een cassetterecorder of cd-speler in de camper zit en neem leuke kindermuziek en verhaaltjes mee voor onderweg.

•          Groot plastic buitenspeelgoed: kruiwagentje, karretje, driewieler is in de VS niet duur en levert veel speelplezier op. Het gaat makkelijk mee in de camper.

•          Als je er ooit over dacht moet je nu gaan. Nu de lage dollar de VS betaalbaar maakt.

•          Let op: kinderen hebben tegenwoordig een eigen paspoort nodig voor de VS.