
Een sneeuwduik
“Wauw, het is hier kerstmis!”. Jonathan en Guusje kunnen hun ogen niet geloven als ze uit de auto stappen. We hebben vannacht doorgereden en de kinderen worden wakker op onze eindbestemming: Galtür in Tirol. Nog voor we het pension binnenstappen hebben de kinderen het sneeuwveldje aan de overkant van de weg al bestormd. Kleine Joris hobbelt erachteraan en laat zich zó voorover in de witte sneeuwzee vallen. Wat een vrijheid, die zachte witte overvloed! Je krijgt gewoon zin om ze achterna te duiken.
We hebben dit jaar een ‘Frühstückspension’ geboekt. Dat vinden we gezelliger dan een appartement. Je zit tussen de mensen en zeker in Tirol proef je dan ook dagelijks iets van dat knusse sfeertje. Bovendien heb je dan meestal een gemeenschappelijke kamer waar je ‘s avonds nog eens kunt bijpraten met anderen. De kinderen keuren hun behuizing goed. “Een beetje als bij oma”, is de heersende mening. We hebben twee kamers naast elkaar met een verbindingsdeur ertussen. Jonathan van 6 en Guusje van 4 slapen samen. Wij nemen Joris van 2 in een klein bedje op onze kamer.
Het is de eerste keer dat we met kinderen op wintersport gaan. We vinden skiën heerlijk en wilden niet langer wachten, ook al is Joris nog klein. We hebben een lading boeken bij ons en zijn van plan afwisselend te skiën en op de kinderen te passen. ‘s Middags gaan we skimateriaal huren en zelfs voor Joris is van alles te krijgen. Als hij de miniskietjes eenmaal gezien heeft kunnen we natuurlijk niet meer terug. We gaan het gewoon proberen.
De volgende dag is het meteen al ‘menes’. De skiklassen beginnen en nu is het de vraag wat de kinderen willen. Jonathan wil de hele week les, want hij gaat voor een medaille. Guusje twijfelt. Ze heeft wel twee Nederlandse meisjes ontdekt die ook op les gaan, maar wil eigenlijk het liefst bij mama blijven. We nemen voor haar drie halve dagen les, dat kan later altijd nog veranderd. Én we vragen of ze bij haar ‘vriendinnetjes’ in de groep mag. Daar doen ze gelukkig niet moeilijk over.
Even later zit mama met Joris op een sneeuwterras aan de kinderpiste in de zon. Terwijl Joris een sneeuwpopje maakt slaat mama voorzichtig haar boek open. Ongelofelijk! Wat een weelde. Papa Karel is meteen maar het grote ski-
gebied ingegaan, je weet ten slotte nooit wat voor weer het morgen zal zijn. Galtür heeft zo’n twintig afdalingen in allerlei moeilijkheidsgraden. ‘s Middags zetten we Joris samen op zijn miniski’s en gaan met hem aan de slag op de babyhelling. Het is vermoeiend maar heerlijk om te doen. Hij gilt het uit van plezier als hij een klein stukje naar beneden roetscht. Hij krijgt er geen genoeg van.
Sneeuwpicknick
Als we niet skiën of op het terras zitten nemen we de kleine kinderen mee op stap. Zo gaan we twee keer zwemmen in het prachtige Sport-und Kulturzentrum van Galtür en houden we op een van de middagen een ‘sneeuwpicknick’. Helemaal ingepakt en gewapend met sleeën en schepjes wandelen we een half uurtje over een langlaufpad. Voor we omkeren picknicken we zittend op de sleeën met warme chocolademelk uit de thermoskan en Oostenrijkse krentenbolletjes. Guusje stopt na drie dagen met skiën. Ze vindt het wel genoeg zo en wil knutselen en tekenen.
Nou dat kan prima op een terrasje.
En zo heeft wintersporten een heel andere inhoud gekregen dan vroeger. Niet meer van ‘s ochtends vroeg tot ‘s avonds laat door een skigebied razen, met aansluitend après ski om vervolgens om 10 uur je bed in te rollen. Wel heel de week buiten in de bergen en genieten van de sneeuw, de zon en je kinderen. Op de derde dag ontmoeten we een Nederlandse familie die hetzelfde ‘kleinekinderprobleem’ heeft als wij en vanaf dat moment is alles helemaal perfect. Onze kinderen worden vrienden en zo kunnen de papa’s en de mama’s afwisselend sámen skiën en oppassen. En zo beleven we deze week weer helemaal de ‘skimagie’. Ineens wist ik het weer van vroeger. Het komt na een paar dagen. Het skiën zit dan weer goed in je benen. Je hebt controle en suist met het grootste plezier de bergen af. En dan breekt die ‘magische’ ochtend aan. De hemel boven de witte bergen is stralend blauw, de zon brandt al vroeg in je gezicht. Karel en ik nemen als een van de eersten een afdaling. We stoppen halverwege om het dal van de ‘Kopsalpe’ in te kijken; rondom tot zover je kijkt witte deining onder een blauwe lucht en voor ons in de diepte het ijsblauwe ‘Kops’-meer, sprookjesachtig. Heerlijk om dan na een paar uur je kleintjes weer te kunnen ophalen en allemaal met rode wangen ons verhaal te doen. Voor díe momenten doe je het.
|