| Ouders vertellen: Malta, zonnig kastelenland |
|
Kinderen hééél welkom “Mama, wij hebben ook een kasteel!” Enthousiast klimt Mascha in het klimkasteel dat naast het zwembad staat bij ons appartement. Na twee dagen zijn de kinderen zich er al bewust van dat dit een ‘kastelenland’ is, vooral omdat ze ook elke kerk voor een burcht aanzien. We zijn voor twee weken op Malta. De eerste week op het hoofdeiland en de tweede week op Gozo, een kleiner en meer landelijk eiland. De uitstapjes maken we s’ochtends vroeg. Lekker dat de afstanden zo kort zijn. Terwijl de kinderen heerlijk rennen door koele burchten en over grote kerkpleinen maken wij kennis met de mystieke kanten van de Europese geschiedenis. Ten tijde van de kruistochten maakte Malta deel uit van ‘het heilige land’. De Orde van de Johannieters, de enige kruisridders die náást geweld ook aan ziekenverzorging deden, was hier tot op het laatst (16de eeuw) gevestigd. Ook bezoeken we Ggantija, het oudste overgebleven bouwwerk uit 3600 vóór Christus. In de toenmalige vruchtbaarheidscultuur was het goddelijke vrouwelijk en de tempel heeft de vorm van de schoot van een vrouw. Maar het leukste van die bezoeken zijn natuurlijk de souvenirs, zoals een zwart Maltezer riddertje, of een ‘diamant’ (glinsterend steentje van het tempelcomplex). We lunchen waar het uitkomt. Waar je ook bent, je stapt even een barretje in of een patio op, voor een ‘snack’. Daarmee bedoelen ze hier een tafeltje vol hapjes, salade, tomaten, Arabisch brood en olijven zo groot als stuiters. Kinderen zijn, zoals in veel zuidelijke landen, overal welkom.
Zelf optreden op het dorpsfeest Op een van de eerste avonden belanden we in een dorpje in de buurt van de hoofdstad Valetta. Er is een groot dorpsfeest gaande en ook hieraan kun je zien dat kinderen er hier helemaal bij horen. Overal zijn podia waarop muziek wordt gemaakt en kinderen hun ingestudeerde dansjes aan de buurt mogen laten zien. Voor we het weten staan onze kinderen, geholpen door bereidwillige handen op een podium hun Michael Jackson bewegingen te doen. Met rode konen eten ze nog een laatste ijsje voor ze uitgeput in slaap vallen, dromend van sterrendom! Aan het eind van de eerste week staan we een keer heel vroeg op en bezoeken Marsaxlokk, een vissersstadje met een haven vol felgekleurde bootjes, het kenmerk van Malta. De kinderen kijken hun ogen uit en griezelen bij de vangst van die nacht, die net wordt binnengebracht. Vissen in alle kleuren en maten. Vooral de inktvissen met al hun tentakels zijn fascinerend voor hen. “Kan ‘ie ook bijten als ‘ie dood is?” vraagt Mascha benauwd. Ondanks onze geruststelling vertrouwen ze het niet en rennen naar de bootjes om er eentje uit te zoeken die ze het állermooiste vinden. Papa legt aan de kinderen uit dat alle bootjes een oog op de boeg hebben (als bescherming tegen het boze oog) en ze rennen weg om alle ogen te gaan tellen. Wij nemen plaats op een terrasje aan het water en zien het dorp langzaam ontwaken.
Nog een eiland De overtocht met de boot naar Gozo duurt een half uur. Gozo blijkt een lappendeken van gele bloemenvelden en sfeervolle dorpen, met een kustlijn vol idyllische baaien en stranden. Op Gozo bewonen we een ‘farmhouse’, een groot gerestaureerd pand dat voor een week van ons is. Je woont er als een zeer welgestelde Maltezer. Dikke muren zorgen voor koelte als de dagen heet zijn. De grote keien waaruit het is opgetrokken geven een gevoel van eenvoud, maar het huis is van alle gemakken voorzien. Beneden waar vroeger de dieren en bedienden sliepen is nu woonkamer en keuken, ingericht met antieke meubels. Boven is de reusachtige slaapkamer. De kinderen vinden het prachtig. Ze spelen veel op de patio waar we elke ochtend ontbijten met verse spullen van de dorpswinkel. Na aankomst gaan we eerst even wat boodschappen doen. Praatje maken met de buurvrouw die op een stoeltje op de stoep zit te breien. De kinderen worden met enthousiaste kreetjes door haar tegemoet gesneld en krijgen meteen wat snoep in hun knuistjes geduwd. We doen boodschappen in de schemerige dorpskruidenier waar werkelijk alles te krijgen is, van zeep tot vis en vlees, kaas en lucifers. En na sluitingstijd kunnen we altijd nog suiker bij de buurvrouw lenen. ’s Ochtends en ’s avonds eten we op onze eigen patio, of op de stenen balustrade op de eerste verdieping in het laatste zonlicht. Uit eten kan natuurlijk ook. De restaurants aan de kust liggen op tien minuten rijden.
Zonsondergang achter vreemde rotsformaties Ook op Gozo maken we dagelijks een tochtje door dit land van sinasappelbomen, koepeldaken, jezuïetenkerken en oude dorpjes. Overal waar je kijkt glanst een goudgele architectuur je toe. Beton is uit den boze op Gozo, van overheidswege verboden. ’s Avonds rijden we soms langs de steile rotskusten voor het uitzicht en de vreemdgevormde rotsformaties. Een van de bekendste is het ‘raam in de rotsen’ bij Dwejra point. Misschien nog wel mooier dan het raam zelf is het uitzicht vanaf Dwejra Point op de kustlijn. In zuidelijke richting begint een schier eindeloze wand van steen die tegen de avond lijkt te zweven in rossige dampen. We gaan er vaak heen voor de zonsondergang. De kinderen vallen in slaap in de auto en wij zien het land verdwijnen in roze nevel. Met de zekerheid dat het er de volgende dag weer net zo stralend bij zal liggen. |